Richard Jones houdt zich ver van elke romantische interpretatie. Hij laat Elsa von Brabant een huis bouwen, metafoor voor het burgerlijk geluk en voor het opbouwend maatschappelijk project waarvan zij samen met Lohengrin de architect is. Lohengrin als "Medidation über das Scheitern", dat is nog nooit zo tastbaar geweest. Met Jonas Kaufmann en Anja Harteros staat hier zowat het mooist ogende koppel op het toneel dat denkbaar is in het Wagnervak, een troef die door de videoregisseuer gretig wordt uitgespeeld. Op basis van deze productie werden Kaufmann en Harteros in 2009 door de Duitse vakpers verkozen tot zanger en zangeres van het jaar.
SYNOPSIS
Toen de hertog van Brabant sterven ging, vertrouwde hij graaf Friedrich von Telramund de zorg toe over zijn beide kinderen, Elsa en Gottfried. Ook beloofde hij Friedrich de hand van zijn dochter Elsa. Op een dag ging Elsa met haar broer Gottfried wandelen maar keerde zonder hem terug. Friedrich is vervolgens niet met Elsa maar met Ortrud getrouwd. Deze is de dochter van de laatste der Friese vorsten, die eertijds in Brabant heersten, en door dit huwelijk met de Brabantse graaf Friedrich hoopt Ortrud de macht van de Friezen in Brabant te kunnen herstellen. In dit streven wordt ze echter gehinderd zolang ook Elsa, als enige erfgenaam van de laatste hertog aanspraak kan maken op de hertogelijke titel.
EERSTE BEDRIJF
Heinrich der Vogler, koning van Saksen, is naar Antwerpen gekomen om de Brabanders met de Saksen te verenigen in de dreigende strijd tegen de Hongaren. Als blijkt dat de Brabanders in tweedracht leven, wordt graaf Friedrich von Telramund om uitleg gevraagd. Hiertoe aangezet door zijn vrouw Ortrud spreekt Friedrich een zware beschuldiging uit aan het adres van Elsa von Brabant: tijdens een wandeling zou ze haar broer vermoord hebben, om vervolgens voor zichzelf en een geliefde de kroon te kunnen opeisen. Als Elsa wordt opgeroepen, vertelt zij als in trance over haar ontmoeting met een vreemde ridder. Omdat er voor Friedrichs beschuldiging geen concrete bewijzen zijn, wordt besloten tot een godsgericht: een duel tussen Friedrich en een voor Elsa strijdende ridder zal bepalen aan wiens zijde het recht staat. Geen der Brabantse edelen is echter bereid tegen Friedrich in het strijdperk te treden, maar Elsa verklaart dat de onbekende ridder haar strijder zal zijn. Tot drie keer toe blijft de oproep van de heraut onbeantwoord. Dan echter ziet men plotseling een zwaan naderen, die een fiere ridder geleidt. Deze onbekende wil voor Elsa strijden en bovendien haar gade worden, op voorwaarde dat zij nimmer naar zijn naam of afkomst zal vragen. Zonder enige aarzeling belooft Elsa hem haar trouw. In het tweegevecht wordt Friedrich meteen door de zwaanridder verslagen. Deze laat de graaf echter in leven: geschandvlekt en verstoten mag hij zijn verdere bestaan aan boete wijden. Elsa en haar ridder worden als het nieuwe heerserspaar toegejuicht, terwijl Ortrud en Friedrich hun hoop op roem en macht de bodem ingeslagen zien.
TWEEDE BEDRIJF
Friedrich voelt zich grondig door Ortrud bedrogen. Het was immers op haar instigatie dat hij Elsa van broedermoord betichtte, een misdaad die zij met eigen ogen zou hebben gadegeslagen. Vanwege deze blijkens het godsgericht valse aantijging was Friedrich bovendien niet met Elsa maar met Ortrud getrouwd. De recente gebeurtenissen ten spijt is Ortrud zelf echter nog steeds op de Brabantse kroon gebrand, en zij slaagt er op demonische wijze in haar echtgenoot opnieuw tegen Elsa op te hitsen. Zo praat deze verklaarde heidin hem onder meer aan dat de zwaanridder het duel niet door Gods steun maar door toverkunsten heeft gewonnen. Beiden zweren zich op het gelukkige nieuwe paar te zullen wreken. Ortrud wint vervolgens op listige wijze Elsa's vertrouwen, zodat deze haar gastvrij in haar huis opneemt. En terwijl Ortrud zich erop toelegt bij Elsa twijfel omtrent de identiteit van haar redder te zaaien, wil Friedrich de rover van zijn eer ten val brengen.
Bij het aanbreken van de nieuwe dag verkondigt de heraut dat Friedrich von Telramund in de ban is gedaan en dat de koning Heinrich de zwaanridder de Brabantse kroon heeft toegekend. Morgen al zal Elsa's bruidegom als aanvoerder van de Brabantse troepen met koning Heinrich ten strijde trekken. Heimelijk voegt Friedrich zich bij enkele edellieden, die zich niet aan het gezag van de nieuwe "beschermer van Brabant" willen onderwerpen en betrekt hen in zijn plan de zwaanridder ten val te brengen.
Terwijl Elsa in een plechtige bruidstoet naar de domkerk schrijdt, laat Ortrud plotseling haar huichelachtig masker vallen en verspert Elsa de weg. Niet langer duldt zij haar ondergeschikte positie: ze noemt de banvloek die over haar man is uitgesproken vals en geeft honend te kennen dat Elsa niet eens de naam van haar nieuwe gemaal kent. Tot algehele ontzetting treedt vervolgens ook Friedrich uit de menigte naar voren, die de onbekende held van toverkunst beticht en eist dat deze zijn naam prijsgeeft. De ridder verklaart alleen aan Elsa verantwoording verschuldigd te zijn, en zij houdt vol dat haar liefde boven iedere twijfel verheven is. Ten slotte vervolgen allen hun gang naar de huwelijksplechtigheid.
DERDE BEDRIJF
In het bruidsvertrek is het nieuwe liefdespaar voor het eerst alleen. Maar het door Ortrud in Elsa geplante gif begint te werken. Door twijfel en waanvoorstellingen geplaagd stelt ze de noodlottige verboden vraag. De ridder is ontzet, maar voor hij kan reageren, wordt hij belaagd door Friedrich, die de kamer is binnengedrongen. Opnieuw moet de graaf het tegen de onbekende ridder afleggen, die hem ditmaal dodelijk verwondt. De zwaanridder beveelt het lijk naar de koning te brengen. Daar zal hij Elsa, ten overstaan van heel het volk, zijn naam en afkomst bekend maken.
In het ochtendgloren maken de koning en zijn leger zich gereed om ten strijde te trekken en wachten op de nieuwe beschermer van Brabant. Als deze verschijnt, laat hij echter weten niet gekomen te zijn als strijdgenoot, maar om zijn geheim te onthullen. Hij is uit een ver land afkomstig, waar men zijn leven ten dienste van God en de mensheid stelt. Parsifal, de hoeder van de heilige graal, is zijn vader, en zijn naam luidt Lohengrin. Als strijder voor het recht is hij hierheen gezonden, maar omdat Elsa hem de verboden vraag heeft gesteld, is een scheiding onafwendbaar. Daar komt de zwaan al aan om hem terug te voeren. Triomfantelijk roept Ortrud uit dat haar wraak is gelukt: want als Lohengrin gebleven was, zou hij de door haar betoverde Gottfried uit zijn betovering verlost hebben, maar daarvoor is het nu te laat, zo meent zij. Lohengrin bidt de Graal opnieuw om hulp. Gottfried verschijnt. Hij is de nieuwe beschermer van Brabant, zo luidt Lohengrins boodschap, voor hij definitief weggaat.
Bron: De Nederlandse Opera
Lohengrin Jonas Kaufmann
Elsa von Brabant Anja Harteros
König Heinrich Christof Fischesser
Friedrich von Telramund Wolfgang Koch
Ortrud Michaela Schuster
Heerrufer Evgeny Nikitin
Bayerisches Staatsorchester
o.l.v. Kent Nagano
Regie Richard Jones
Decors & kostuumsUltz
Licht Mimi Jordan Sherin
Videoregie Karina Fibich